Bij promoties naar een functie in een hogerliggende schaal, zijn er met de salaristabel per 1 maart 2010 een drietal verschillende situaties mogelijk. Om een eenduidige handelwijze bij promoties in de uitvoering te verkrijgen, zal als volgt gehandeld worden.
Bij de meeste promoties komt het salarisbedrag voor promotie eveneens in de hogerliggende schaal voor. Bij deze promoties wordt eerst hetzelfde salarisbedrag in de hogerliggende schaal de bijbehorende periodiek genomen en vervolgens zal vanwege de promotie er één periodiek worden toegevoegd.
Voorbeeld situatie 1:
Iemand in schaal 5 met periodiek 6 (€ 2.150,-) maakt promotie (via schaal
6 periodiek 5) naar schaal 6 met periodiek 6 (€ 2.209,-).
Bij de promoties waarbij het salarisbedrag voor promotie niet in de hogerliggende schaal voorkomt omdat het te laag is, wordt de sytematiek van voorbeeld 1 omgedraaid en eerst binnen de 'oude' schaal één periodiek er bijgegeven en vervolgens zal men overgaan naar de bijpassende periodiek van de hogerligggende schaal.
Voorbeeld situatie 2:
Iemand in schaal 10 met periodiek 1 (€ 2.528,--) maakt promotie
via schaal 10 periodiek 2 (€ 2.668,-) naar schaal 11 met periodiek 0 (€ 3.019,-)
Bij de promoties waarbij het salarisbedrag voor promotie niet in de hogerliggende schaal voorkomt en waarbij dit niet het gevolg is van de oorzaak die in situatie 2 wordt voorgesteld, geldt de systematiek zoals die bij promotiesituatie 1 wordt beschreven.
Voorbeeld situatie 3:
Iemand in schaal 7 met periodiek 10 (€ 2.668,-) maakt promotie via
schaal 8 periodiek 6 (€ 2.724,-) naar schaal 8 met periodiek 7 (€ 2.796,-)
Indien de promotie samenvalt met de periodiekdatum, zal eerst de promotie worden doorgevoerd en vervolgens wordt de consequentie van de periodiekdatum geëffectueerd.